Verslag Themadag Baggernet "Werk-in-uitvoering"

gehouden op 28 januari 2003 in Tiel

Veel gemeenten hebben het afgelopen jaar een baggerplan opgesteld waarin enerzijds omschreven staat wat de baggerproblematiek is, en anderzijds hoe en wanneer er uitvoering aan gegeven moet worden.
Op 28 januari jl. organiseerde Baggernet een themadag over het leven ná het opstellen van deze baggerplannen. Hoe realiseer je de uitvoering, welke procedurele weg moet je bewandelen en wat zijn de praktische problemen bij het voorbereiden van een baggerwerk. Ook de Specifieke Uitkering Baggerplannen Bebouwd Gebied (SUBBIED) kwam aan bod.
Het Waterschap Rivierenland trad als gastheer van deze bijeenkomst op, waaraan ruim 350 deskundigen deelnamen.

Gerrit Kok, dijkgraaf Waterschap RivierenlandGerrit Kok, dijkgraaf van Waterschap Rivierenland, benadrukte de actualiteit van het baggerprobleem in stedelijk gebied Dit thema verdient een hoge plaats op de regeringsagenda. De deelnemers werden opgeroepen mee te helpen aan een serieuze en integrale aanpak van het stedelijk baggeren.

Subsidieregeling Baggerplannen Bebouwd Gebied

Tiede Bakker, werkzaam bij RIZA, blikte terug op de geschiedenis van de subsidieregeling Baggerplannen Bebouwd Gebied. De subsidieregeling kwam tot stand na een wetsbepaling die van gemeenten eiste dat zij een baggerplan gingen schrijven. Gemeenten hadden geen budget om dit plan te maken, en na verloop van tijd reageerde de Rijksoverheid met het beschikbaar stellen van middelen.
Het baggerplan moest gebiedsgericht zijn. Afstemming tussen gemeenten was nodig, want het gaat over bebouwd gebied. Het Tienjarenscenario speelt een rol, maar al snel bleek dat een periode van 10 jaar te kort is om de stedelijke baggerproblematiek in te kaderen. 
De subsidieregeling loopt nu 3 jaar. Het eerste jaar werden 30 baggerplannen ingediend, het afgelopen jaar was dit aantal gegroeid tot 126. Totaal zijn er nu ruim 170 baggerplannen beschikbaar. De regeling is vooral bedoeld voor kleinere gemeenten. De grootste gemeenten hebben al eerder plannen geschreven en hebben de subsidie minder hard nodig. 
Het waterschap neemt doorgaans het initiatief tot het schrijven van een baggerplan; grotere gemeenten schrijven het plan vaak zelf. De dikte van de ingediende baggerplannen varieert van 0,5 tot 10 cm - en beide uitersten kunnen goed zijn.
Tot 1 september 2004 kunnen nog baggerplannen ingediend worden. Aandachtspunten voor indieners:

  • realiseer je dat het vooraf afstemmen wie het plan gaat schrijven veel tijd kan kosten
  • baggerplannen zijn vaak onnodig gedetailleerd
  • knelpunten worden vaak onvoldoende vermeld, terwijl deze juist essentieel zijn voor RIZA
  • interne procedures en handtekeningen verzamelen kosten tijd 

De ervaringen opgedaan met de subsidieregeling Baggerplannen Bebouwd Gebied wordt gebruikt bij de in ontwikkeling zijnde regeling SUBBIED.


Tiede Bakker, die aan de wieg heeft gestaan van de waterbodemproblematiek, heeft afscheid genomen van de waterbodemwereld en vervult nu een andere functie binnen RIZA.Tiede kreeg als blijk van waardering voor al zijn werk een woord van dank en bloemetje van de coördinator van Baggernet.

Specifieke Uitkering Baggerplannen Bebouwd Gebied

Kiem Tjan, werkzaam bij DG Water van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, gaf de stand van zaken weer ten aanzien van de regeling Specifieke Uitkering Baggerplannen Bebouwd Gebied (SUBBIED). De regeling wordt binnenkort in de Staatscourant gepubliceerd. Ten grondslag aan de regeling ligt het Tienjarenscenario + een bestuurlijk advies met als credo: ga over tot uitvoering van de baggerplannen! De rijksbijdrage is bedoeld als impulsfinanciering, en wordt verleend op voorwaarde dat andere overheden ook financieel bijdragen aan het baggerwerk. Samenwerking tussen waterschap en gemeente wordt beoogd. Een aanvrager kan eenmalig een beroep doen op de regeling, het te financieren baggerwerk moet binnen 4 jaar afgerond zijn, en 33% van de kosten met een maximum van 10 miljoen Euro per uitkering, worden vergoed. 
De regeling loopt van 2003 tot 1 september 2006 en de laatste uitbetaling zal in 2010 plaatsvinden. Wie het eerst komt, die het eerst maalt - de subsidiepot bevat 85 miljoen Euro. Overigens kan met terugwerkende kracht een aanvraag ingediend worden. De terugwerkende kracht wordt verleend indien de aanvraag uiterlijk 1 mei 2003 door de uitvoeringsorganisatie is ontvangen, de betrokken baggerwerkzaamheden op of na 1 oktober 2002 zijn opgedragen en de aanvrager kan aantonen dat in de begroting van de gemeente of het waterschap na 12 april 2002 (datum kabinetsbesluit) extra gelden voor baggerwerkzaamheden zijn vrijgemaakt. Uitvoeringsorganisatie van SUBBIED is NOVEM. Kiem Tjan hoopt dat er veelvuldig en voortvarend van de regeling gebruik gemaakt gaat worden.

Sanering stadsgrachten Tiel

Cornelieke Peels van Waterschap Rivierenland schetste wat er komt kijken bij de kans op aanwezigheid van munitie in baggerobjecten. De rivier de Waal vormde in 1944-1945 de grens van geailleerden en Duitsers - er vonden veel beschietingen plaats. Een groot deel van de binnenstad van Tiel heeft daarbij schade opgelopen en de kans op aanwezigheid van niet-ontplofte munitie in de stadsgrachten is groot. 
Belangrijk is natuurlijk dat de omgeving afgeschermd wordt tegen explosiegevaar. En dat is lastig in verband met de dichte bebouwing. De huizen staan pal aan de stadsgrachten. Het lijkt simpel om te eisen het item "bescherming omgeving" op te nemen in het bestek. Maar zo werkt dat niet; in de praktijk gaat het veel moeilijker. Geschikte technieken voor de opsporing van munitie ontbreken. Het uitsluiten van munitie (na historisch onderzoek) door aanvullend radaronderzoek is niet 100% waterdicht, en geeft geen afdoende duidelijk antwoord. Aannemers beschikken weliswaar over veel kennis en ervaring, maar die is slecht toegankelijk. Diverse aannemers zijn gevraagd hun ideeën te geven. Er kwamen heel diverse suggesties. Het waterschap heeft toen besloten de aannemers uit te nodigen een eigen veiligheidsplan te schrijven, kortom, veiligheid wordt dus niet in het bestek opgenomen. Dan wordt de rol van de gemeente groot. Zij zijn verantwoordelijk voor openbare orde en veiligheid. 
Inmiddels heeft er een oproep in CoBouw gestaan voor het vrijblijvend opstellen van een veiligheidsplan. Hierop zijn 10 initiatieven gekomen. De Gemeente Tiel heeft een adviseur ingehuurd voor de beoordeling van de plannen. De criteria om te beschrijven of iets veilig is of niet, is - ook juridisch - heel moeilijk. Cornelieke Peels sluit af met het advies aan iedereen die met veiligheidsaspecten rond baggerwerk te maken krijgt: betrek in een zo vroeg mogelijk stadium iedereen die een rol speelt bij veiligheid, zoals brandweer, ziekenvervoer, gemeente-ambtenaren etc. En houd goed contact met de pers. 

Renier Koenraadt, werkzaam bij Oranjewoud, licht een ander aspect toe bij het baggeren in Tiel: de aanleg van een depot. Een rechtstreekse afvoer van bagger per as vanuit de binnenstad zou veel overlast teweegbrengen, vandaar dat voor een afvoer met een persleiding en de aanleg van een tijdelijk ontwateringsdepot buiten de stad gekozen is. Er zijn een hoop zaken waar bij de aanleg rekening mee gehouden moet worden: opbouw bodem, vergunningen, geluidsoverlast, eventuele aanleg geluidswal en inzet geluidsarm materieel, aan- en afvoerroute bagger, geurbeleid etc.
De aanleg is een tijdrovend fenomeen: alvorens met de bouw gestart kan worden ben je al gauw een jaar verder voordat alle vergunningen en voorwerk gedaan zijn. Hoewel het integrale denken hot item is, komt bij de vergunningverlening rond het depot toch het sectoraal denken weer om de hoek kijken. Zo is voor geur en geluid bijvoorbeeld apart beleid geformuleerd dat in principe geldt voor alle inrichtingen die vallen onder de Wet milieubeheer. Indien niet wordt voldaan aan de gestelde normen ontstaat al snel discussie over te treffen maatregelen en de wenselijkheid van een depot. Als met het bevoegde gezag geen overeenstemming wordt bereikt, kan dit zelfs betekenen dat de baggerspecie alsnog per as uit de binnenstad moet worden afgevoerd. Consequenties zijn o.a. overlast voor de binnenstad en hogere saneringskosten.
Een integrale afweging, waarbij ook andere belangen in de gehele saneringsketen worden meegenomen, is nog niet vanzelfsprekend. Advies is dan ook om tijdig in overleg te treden met het bevoegd gezag.

Aanleg baggerdepot Schiedam

Piet Bliek, Ingenieursbureau ONS te Schiedam, vertelt zijn ervaringen met de aanleg van een baggerdepot voor de gemeente Schiedam. In 1994 werd de behoefte aan een depot geconstateerd. De baggeractiviteiten waren sterk toegenomen en de burgers klaagden over bagger op de oeverkanten in hun wijk. Verder was het goedkoper om de bagger niet naar elders af te voeren, en bovendien noodzaakte provinciaal beleid tot verwerking binnen de eigen gemeente. Het depot was bedoeld voor klasse 1, 2 en 3; klasse 4 werd naar de Slufter afgevoerd. 
Een lange weg volgde van overleg, vergunningaanvragen, onderzoek ter plaatse en tenslotte protest van omwonenden van de beoogde depot-locatie. Dat protest heeft de start van de bouw van het depot vertraagd met ruim 2 jaar. Na veel overleg van gemeente met omwonenden en waar mogelijk inwilliging van eisen kwamen de vergunningen uiteindelijk in februari 1997 rond.
Terugkijkend kan gesteld worden dat er veel vooroordelen waren bij omwonenden, en dat een groot deel van de bezwaren technisch goed te bestrijden bleken. Bezwaren lijken veelal gebaseerd op emotie. Advies van Piet Bliek is om bij plannen voor de bouw van een depot vanaf het eerste moment helder te communiceren met bewoners en serieus in te gaan op eventuele bezwaren.

De aannemerij

Paul Eugelink, VIS Baggergroep, schetste wat er zoal komt kijken bij het uitvoeren van baggerwerk in de stad. Na een historisch overzicht, kwamen de huidige in gebruik zijnde technieken aan de orde: zoals cutterzuiger, mobiele rupsbaggermachine, slibbak, onderwaterbulldozer, amphidredge, amphirol, borstelvijzel, wormwiel, slibcleanmethode, kraggenvreter, watermaster.
Het veldwerk wordt vooraf geïnventariseerd: bepaling type waterpartij/waterbodem, bereikbaarheid voor materieel, beoordeling werksituatie ter plaatse, bepaling hoeveelheid bagger, en vaststelling hoe nauwkeurig er gebaggerd moet worden. En ook de soort specie die gebaggerd moet worden en de implicaties daarvan voor keuze van materieel en techniek.
Zie ook het verslag van de themadag van Baggernet op 26 september 2001: Kleinschalig baggeren, alsmede het rapport van de STOWA, nummer 2001-30 "Inventarisatie kleinschalige baggertechnieken". Te bestellen bij Hageman Fulfilment, Postbus 1110, 3330 CC Zwijndrecht, email hff@wxs.nl. Kosten circa € 15.

Baggerwerk Zaltbommel

Carel Nobbe, Grontmij, gaf een beeld van de ervaringen van baggerwerk in Zaltbommel. De buitengracht van de stad was 25 jaar niet gebaggerd. Een baggerlaag van met klasse 0,1 en 2 was ontstaan m.n. door invallend blad. Door de bagger was er een slecht leefmilieu voor vissen en waterplanten. Aan de buitengracht is weinig bewoning. Dat vergemakkelijkte het baggerwerk.
De gemeente nam het initiatief om de grachten op te schonen, daarbij speelde ook de wens van de gemeente om de recreatiemogelijkheden te verbeteren. Er volgde overleg tussen de belangrijkste betrokken partijen: gemeente, waterschap, hengelsportvereniging en monumentenzorg, waarbij alle randvoorwaarden en wensen in kaart werden gebracht. Het plan werd vervolgens op een voorlichtingsavond gepresenteerd aan de bewoners van Zaltbommel. Het uitvoeringsplan had een integraal karakter, waarbij zoveel mogelijk bagger in het werk verwerkt werd. De toepassing van schanskorven speelde een belangrijke rol bij het ontwerp.
In de binnengracht en haven van Zaltbommel bevindt zich momenteel nog klasse 1 t/m 4 slib. De verwijdering van dit slib moet nog plaatsvinden.
Mogelijke bestemmingsopties passeerden de revue. Klassen 3 en 4 slib, maar ook klasse 1 en 2 kunnen mogelijk worden afgevoerd en toegepast in de afdeklaag van vuilstorten in de omgeving. Een andere optie is afvoer en berging in een diepe zandwinput zoals de Kaliwaal bij Druten (geopend vanaf voorjaar 2003). Een derde mogelijkheid is wellicht koude immobilisatie. 
Conclusies van het baggerproject Zaltbommel: breng beleid en praktijk bij elkaar, zoek naar creatieve of vernieuwende oplossingen, kies voor een integrale aanpak, gebruik je netwerk, gebruik verschillende bestemmingsopties en lever maatwerk.

Werkgroep Asbest in Waterbodem

Alex Koenders van Prokam, gaf een verslag van de stand van zaken van de Werkgroep Asbest in Waterbodem. De werkgroep vond haar oorsprong tijdens de themadag van Baggernet over asbest op 4 april 2002 in Hoorn. Doelstelling van de werkgroep is het in kaart brengen van de omvang van asbestverontreiniging en het aangeven van oplossingen van knelpunten. De werkgroep helpt mee met het ontwikkelen van onderzoeksprotocollen voor asbestverdachte waterbodems en asbesthoudende baggerspecie en verkent de wettelijke mogelijkheden tot preventief saneren. Ook ARBO aspecten worden bekeken. De werkgroep heeft het vertrouwen van de overheid, maar ook vertrouwen van de achterban is nodig, en bijdragen van waterschappen. Joost van der Plicht van Waterschap Rijn en IJssel meldt dat morgen een enquête nar de waterschappen gestuurd wordt met inventariserende vragen over asbest. Hetzelfde zal binnen V&W gebeuren, aldus Koos Hartnack van RIZA. Voortgangsrapportage van de werkgroep vindt plaats via het werkgroepsecretariaat: Ariëlle van Aalst (email: aat@destraat.nl  en/of Baggernet.

Wim Drossaert, coördinator van Baggernet, memoreert aan het eind van de dag de woorden van Gerrit Kok: laten we aan de slag gaan! Er zijn nog steeds knelpunten, maar er zijn ook veel kansen en subsidieregelingen!

Mededelingen van/aan Baggernet:

Er is een studie uitgevoerd naar "Geluidproblematiek baggermaterieel" - het rapport is beschikbaar zie VBKO website www.vbko.nl 

"Geuroverlast" is een apart fenomeen. Het is moeilijk hier informatie over te vinden.
Weliswaar is er bij baggeren objectief gezien nauwelijks geuroverlast, maar dat wordt voorafgaand aan een baggerwerk niet als acceptabel argument aanvaard. Er kan een geurpanel ingezet worden voor geurmetingen, maar de uitkomst is niet altijd goed te herleiden.
Door Waterschap Rijn en IJssel is op de heetste dag van het jaar een excursie naar een depot voor gemeenteraad en bewoners georganiseerd. Men nam geen geur waar. Zo geef je fysiek wat mee. 
Maar geur blijft een ongrijpbare factor.

Detectie van munitie
Suggestie wordt aan Baggernet gedaan om met TU-Sectie Ruimtevaart onderzoek te initiëren naar detectie van munitie. 

Afvoer van slib uit stadsgracht naar depot
Vraag aan STOWA: zou het rioolstelsel daarvoor gebruikt kunnen worden?

Reinigen van baggerslib met ozon: zie www.bluefish.nl 

SVB - Stimuleringsregeling verwijdering baggerspecie
Zie http://www.svb.novem.nl/ 
Is bedoeld om het baggerprobleem aan te pakken.
Allen worden uitgenodigd veel gebruik van deze regeling te maken.

Survey-apparatuur: zie http://www.nesa.nl/ 

Waterbodem op internet:
www.waterbodem.nl

Cursus kleinschalig baggeren
www.vbko.nl
of www.wateropleidingen.nl 

Informatie in het Engels t.b.v. relatie in Australië over kleinschalig baggertransport
Heeft u dergelijke info? Dan graag seintje naar Koos Hartnack, RIZA, email j.hartnack@riza.rws.minvenw.nl 

Info welkom over klein- en grootschalig baggerwerk
Alles is welkom en mag gestuurd worden naar Koos Hartnack, RIZA, PB 17, 8200 AA Lelystad, j.hartnack@riza.rws.minvenw.nl 
Door de recente brand in het RIZA-gebouw is alle info kwijt!

Rolverdeling tussen waterschap en gemeente bij onderhoud secundaire watergangen in de bebouwde kom.
Piet-Hein Nelissen van HHRS Delfland is een discussie gestart over optimalisatie van deze rolverdeling. Zie www.baggernet.info, pagina "Oproepen".
Oproep aan allen om aan deze discussie mee te doen.