Baggeren in stedelijk gebied: samenwerking en samenloop!

Kort verslag themadag Baggernet op 30 mei 2000 in Etten-Leur
Baggeren in stedelijk gebied vergt veel communicatie, afstemming en organisatie. Het bij elkaar halen van betrokken partijen om tot een open en constructief overleg en samenwerking te komen is van groot belang. Er zal namelijk rekening moeten worden gehouden met een zeer groot aantal actoren en factoren. Verder zal het de activiteiten ten goede komen als sprake is van meerdere vliegen die met baggeren en specieverwerking in één klap gevangen kunnen worden: samenloop van motieven en positieve effecten, werk met werk maken.

Vanuit de waterschappen wordt gewerkt aan een visiedocument "Water is overal", waarin meer duidelijkheid gegeven wordt aangaande mogelijkheden, middelen en de verdeling van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Gebleken is namelijk, dat zowel waterschappen als gemeenten veel van elkaars aanpak en ervaringen kunnen leren. Door collega-waterschappen en collega-gemeenten te benaderen kun je met minder schade en schande leren tot een doelmatige aanpak van het baggeren in stedelijk gebied te komen.

Dit is de conclusie van de themadag die op 30 mei in Etten-Leur werd georganiseerd. Circa 125 mensen die uit hoofde van hun functie met het baggeren in stedelijk gebied te maken hebben, namen hieraan deel.

Foto impressie

Hierna volgt een samenvatting van de gegeven presentaties.

Baggeren van de Leurse Haven: samen in een net werk

Albert van Giffen - Hoogheemraadschap van West-Brabant

In 1999/2000 is de Leurse Haven gebaggerd. Een baggerwerk van 119.000 m3. De kosten bedroegen f 8.500.000,-, dat is f 75,-/m3. Deze kosten werden gedragen door de gemeente Etten-Leur, de provincie Noord-Brabant en het Hoogheemraadschap van West-Brabant (de 40/60 regeling onderhoudsspecie, de 10% regeling op grond van de WBB). Het betreft hier een typisch geval van samenloop, samenwerking, werk met werk maken: onderhoudsbagger (nautisch+kwantiteit), saneringsbaggeren, revitalisering van de haven en herstel oevers en beschoeiing. De boodschap die meegegeven kan worden is: zorg voor een meerjarenbaggerprogramma + budget voor onderhoud, sanering en de 40/60 regeling.Tracht één waterbodemsaneringsproject per jaar per waterbeheerder te realiseren. De regelingen met betrekking tot waterbodemsanering (WBB) en het Bouwstoffenbesluit zijn goed mits praktisch en vlot uitgevoerd. Kortom, hand aan de baggerbeugel.

Sanering van de Goese Vesten

Lidwien Willemse en Cees Hollemans - Waterschap Zeeuwse Eilanden
De specifieke aspecten van het baggeren in de stad werden door Lidwien Willemse belicht. Voordat tot sanering van de Goese Vesten kon worden overgegaan, was uitgebreid overleg nodig met de Gemeente en Provincie: wat valt er wel en wat niet onder sanering van oevers, welke overlast kan verwacht worden, en aan welke veiligheidsaspecten voor o.a. omwonenden moet gedacht worden, wanneer saneren (niet tijdens toeristenseizoen). Met bewoners en verenigingsleven werd uitgebreid gecommuniceerd voorafgaand aan het baggeren, waarbij op alle vragen serieus werd ingegaan en bij alle wensen werd nagegaan of die ingewilligd konden worden. Er is een communicatieplan geschreven en foldermateriaal vervaardigd. Na afronding van het baggerwerk wordt er een feest georganiseerd waarbij de bewoners actief betrokken worden.Ook in educatieve aspecten is energie gestoken: ontwikkeling van een natuurpad, voederbeleid van eenden.

Geconcludeerd kan worden dat bij goede voorlichting klachten van betrokkenen voorkomen worden.

Hoeveel is het verwijderen van waterbodem in het stedelijk gebied je waard?

Arnold de Haart - Gemeente Eindhoven
In de presentatie van Arnold de Haart kwam vooral naar voren dat er behoefte is aan een leidraad voor onderhoud en sanering van waterpartijen in het algemeen en van waterbodems in het bijzonder, gezien de huidige onduidelijkheden over taken en verantwoordelijkheden, methodes van verwerking en ontwatering baggerspecie, etc.

Samenwerking in baggerverwerking

Gerard de Nooij - Waterschap Groot-Haarlemmermeer
De aanpak van het stedelijk baggerprobleem valt en staat met de beschikbaarheid van een depot. Het Waterschap Groot-Haarlemmermeer heeft zich vanaf begin 90-er jaren ingezet om een baggerdepot te realiseren voor alle probleembezitters uit de regio. In de inleiding van Gerard de Nooy werd ingegaan op welke wijze de realisatie van het depot tot stand is gekomen en op welke wijze invulling is gegeven aan de samenwerking met marktpartijen. Het uiteindelijk resultaat was de oprichting van MeerGrond vof, een publiek private samenwerking voor het be- en verwerken van baggerspecie.

Rik Duijn - Milieutechniek De Vries & Van de Wiel
Voor wat betreft verwerking van verontreinigde grond en baggerspecie werkt De Vries & Van de Wiel samen met verschillende overheidspartijen. Op het ogenblik bestaan er op het gebied van baggerverwerking zeven publiek-private samenwerkingen verspreid over het land. Het dochterbedrijf MeerGrond is een samenwerking tussen De Vries & Van de Wiel en DuraVermeer enerzijds en het Waterschap Groot-Haarlemmermeer anderzijds. De zeggenschap binnen Meergrond is 50/50 verdeeld tussen Waterschap enerzijds en de private partijen anderzijds. Het risico wordt door alle drie partners gedragen. MeerGrond is opgericht met als doel de verwerking van de specie van het waterschap. In tweede instantie zal eveneens specie van de gemeente en de regio worden ontvangen en verwerk.

De partners hebben ieder haar eigen overwegingen om tot een samenwerking te komen. Voor de private partijen betekent de samenwerking enerzijds bedrijfscontinuïteit en anderzijds past deze activiteit in het totale pakket van milieuactiviteiten van verwerking en afzet van maatschappelijke reststromen. Het waterschap had, heeft en zal de komende jaren behoefte hebben aan verwerkingscapaciteit voor haar vervuilde baggerspecie.

Mededelingen

Vervolgens was er gelegenheid voor de deelnemers om nieuwe ontwikkelingen te melden, vragen te stellen etc. Een aantal zaken werden meegedeeld:

  • Hoogheemraadschap Delfland gaat samenwerking aan met de Grondbank. Het waterschap garandeert aanvoer van bagger die binnen 1 jaar rijpen een categorie I bouwstof is. Het waterschap heeft een vaste prijsafspraak gemaakt, zodat de inkomsten voor de Grondbank gegarandeerd zijn.
  • DWR voert momenteel een groot project uit op het gebied van stedelijk baggeren in de regio Hilversum. DWR zal in het najaar een bijeenkomst organiseren met excursie, waarvoor ook de deelnemers van Baggernet uitgenodigd zullen worden.
  • Cees van Bladeren van de Unie van Waterschappen meldde dat er subsidie beschikbaar komt voor het gezamenlijk ontwikkelen (door waterschap en gemeente) van baggerplannen bij gemeenten. De regeling gaat per 1 juli in. 50% van de plankosten (tot maximaal 1 ton) worden vergoed.
    De subsidie geldt voor nieuwe plannen die een totaalplaatje geven van een bebouwde kom; dus plannen voor deelgemeenten vallen daar niet onder.

Introductie op excursie

De excursie die ‘s middags plaatsvond, werd geïntroduceerd door Hans Smid en Gijs Hendriks:

Beheer van de BBI in Etten-Leur en de toegevoegde waarde van een Publiek Private Samenwerking

Hans Smid en Gijs Hendriks - Bouwstoffenunie Zuid-Nederland
Het Hoogheemraadschap van West-Brabant is in de vorm van een PPS een samenwerkingsverband aangegaan met de Bouwstoffenunie Zuid Nederland (BuZN). Het betreft een pilot-project met een looptijd van 2 jaar. De doelstelling van het project is het optimaliseren van de exploitatie van de Baggerbewerkingsinrichting (BBI) door middel van o.a. het benutten van vrijgemaakte restcapaciteit in de BBI en het op efficiënte wijze afzetten van het gerijpte product. Daarnaast zal er een gronddepot ingericht gaan worden op de BBI. De activiteiten van de BuZN binnen het project omvatten o.a. het ondersteunen in de aansturingen en planning van de baggerbewerking, het testen van verschillende bewerkingsmethoden, het actief in de markt zoeken voor de aan- en afvoer van (gerijpte) specie, en het inrichten en exploiteren van een grondbank op het terrein van de BBI. In samenspraak met het Hoogheemraadschap van West-Brabant heeft de BuZN een masterplan voor de exploitatie van de BBI opgesteld. Daarnaast heeft de Bouwstoffenunie Zuid-Nederland zitting in zowel de beheerscommissie, als het technisch overleg aangaande de BBI.

Excursie

Onder leiding van Simon van der Meij werd het baggerwerk in de Leurse Haven en de Baggerbewerkinginrichting (BBI) te Zwartenberg bezocht.
Kenmerkend voor het baggerwerk van de Leurse Haven is het gescheiden ontgraven en afvoeren van de nautische specie (boven 1,75 m – waterpeil) en de saneringsspecie (beneden 1,75 m –waterpeil).
Na het baggeren van de saneringsspecie wordt nog een kleine overdiepte in de schone ondergrond gebaggerd. Hiermee wordt gewaarborgd dat de terugsaneerwaarde van klasse 2 gehaald wordt.
Veel van de deelnemers hadden bij het zien van de Leurse Haven verwacht een aanlegplaats voor schepen met steigers, meerpalen en dergelijke aan te treffen. De Leurse Haven is echter in hoofdzaak een 5,5 kilometer lange verbindingsvaart tussen de kern (Etten-)Leur en de rivier de Mark. In dit deel van Nederland worden tal van verbindingsvaarten tussen een kern en een hoofdvaarweg "haven" genoemd.
Het baggerwerk bevindt zich in de afrondende fase. Behalve een granaat en de resten van een historisch schutsluisje in de monding, zijn er geen bijzonderheden boven water gehaald.

De BBI is gerealiseerd om te kunnen voldoen aan de rijksverplichting om 20% van de vrijkomende bagger klasse 2, 3 en 4 te kunnen bewerken en nuttig te kunnen toepassen. Met een capaciteit van circa 20.000 m3 per jaar kan het Hoogheemraadschap van West-Brabant ruimschoots aan deze verplichting voldoen. De BBI kan ook ingezet worden voor de bewerking van baggerspecie afkomstig van bijvoorbeeld gemeenten en waterschappen. Momenteel zijn de drie rijpingslagunes van de BBI gevuld met baggerspecie uit de Leurse Haven. In de opzet van de BBI is er van uitgegaan de specie zo extensief mogelijk te bewerken om de bewerkingskosten laag te houden. Een deel van de specie wordt bij wijze van proef met een spitmachine bewerkt. De rest van de specie wordt met een hydraulische kraan omgezet. Zodra de bovenste 20 centimeter van de specie gerijpt is wordt deze apart gezet. Door intensieve bewerking is het wellicht mogelijk om twee batches per jaar te kunnen bewerken. De capaciteit van de inrichting wordt daarmee verdubbeld.

Bij voorkeur wordt uitsluitend specie ingebracht die qua chemische kwaliteit op voorhand al geschikt is voor gebruik als categorie 1 grond. Het bewerkingsproces hoeft zich dan enkel te richten op de rijping. Landfarming, fractiescheiding of een andere vorm van reiniging is dan niet noodzakelijk. Door middel van een pilot-project met een looptijd van 2 jaar worden met de BuZN de mogelijkheden van privaat-publieke samenwerking verkend.

Na de excursie werd even nagepraat over de bijeenkomst onder het genot van een "BaggerBorrel", die werd aangeboden door de Bouwstoffenunie Zuid Nederland. De borrelaars vonden unaniem dat het een geslaagde en nuttige bijeenkomst was geweest. 
Met belangstelling wordt uitgekeken naar de najaarsbijeenkomsten van Baggernet. De data hiervan worden na de zomervakantie bekendgemaakt.

Presentaties

Sanering van de Goese Vesten,  Lidwien Willemse en Cees Hollemans (192 kB)
De exploitatie van een Baggerbewerkingsinrichting in de vorm van een PPS, Hans Smid (1,51 MB)
Samenwerking in baggerverwerking, G.J. de Nooij (1,50 MB)
Waterbodems in de stad, Cees van Bladeren (42 kB)