Verslag Themadag Baggernet 8 september 2005
De themadag van Baggernet op 8 september 2005 over “Natuurlijk saneren in de Delta” vond plaats op een omgebouwde veerboot, “De Ameland”. Ruim 200 geïnteresseerden voeren op deze zonnige dag mee vanuit Dordrecht, over de Dordtse Kil, het Hollandsch Diep naar het Haringvliet, het Spui en via de Oude Maas terug naar Dordrecht. Tijdens de vaartocht werden een aantal waterbodemprojecten van Rijkswaterstaat gepresenteerd. Voor illustraties hoefde men slechts naar buiten te kijken. De themadag werd georganiseerd in samenwerking met Rijkswaterstaat, Directie Haringvliet.
Saneringsvisie Rijkswaterstaat
Na een welkom en introductie door Wim Drossaert, coördinator van Baggernet,
en Thomas Arts en Wim Voorberg van Rijkswaterstaat, presenteerde Arie de Gelder
de “Saneringsvisie van Rijkswaterstaat”. De omvang van de verontreiniging
van Rijn en Maas bedraagt in het benedenrivierengebied circa 125 miljoen m3; het
sediment bevat PCB’s, pesticiden en metalen. Juist nu is het een goed moment
om te saneren omdat de waterkwaliteit van de rivieren (vooral de Rijn) verbeterd
is door de aanpak van vervuilingsbronnen in het kader van de Wet Verontreiniging
Oppervlaktewater en diverse internationale verdragen. De waterbodemsanering valt
samen met activiteiten zoals projecten op het gebied van natuurontwikkeling en
“Ruimte voor de rivier”. De beleidsontwikkelingen helpen mee: voorheen moest
sediment 100% schoon zijn, nu geldt de regel dat er functioneel en
kosteneffectief gesaneerd moet worden om zo snel mogelijk de baggerachterstand
in te halen. Diverse saneringsmethoden kwamen aan bod. Voor ondiepe delen geldt
dat verwijderen van het verontreinigd sediment meestal de beste optie is,
eventueel in combinatie met afdekken. Voor diepe delen is actieve afdekking het
meest effectief.
Baggerspeciedepot Hollandsch Diep
Marco Tanis, Rijkswaterstaat Zuid-Holland, ging in op de bouw van het
Baggerspeciedepot Hollandsch Diep. Het depot is hard nodig voor berging van de
bagger die vrijkomt bij diverse saneringsactiviteiten. Er komt heel wat kijken
bij de totstandkoming van een depot, zoals milieukundige projectvoorbereiding
(verkennend waterbodemonderzoek, BRL 9335, GIS applicatie om vast te leggen wat
er nu precies in de waterbodem zit) en geotechnische projectvoorbereiding (diepe
boringen en sonderingen). De aanbesteding voor het werk is innovatief gedaan, en
conform de Europese Aanbestedingsnorm. Het werk zal worden gegund op de meest
economische basis. De volgende stap is het beheersen van het innovatieve
contract in de uitvoering. Het depot zal naar verwachting in 2008 gereed zijn.
Voor meer informatie zie www.baggerspeciedepot.nl.

Kaderrichtlijn Water
Marcel Tonkes, werkzaam bij Rijkswaterstaat RIZA, lichtte de Kaderrichtlijn
Water (KRW) toe in relatie tot saneringslocaties van de waterbodem. De KRW omvat
water, biota èn waterbodem. De waterbodem wordt beschouwd als onderdeel van het
watersysteem. De KRW onderscheidt diverse ecologische en chemische
doelstellingen. Deze doelstellingen moeten in 2015 behaald zijn. Uitstel of
fasering is mogelijk onder bepaalde voorwaarden en uiterlijk tot 2027. Verlaging
van doelstellingen is eveneens mogelijk. Wederom onder voorwaarden. In Nederland
zijn we, los van de KRW, al vele jaren bezig geweest om verspreiding van
verontreinigende stoffen in het oppervlaktewater of grondwater te voorkomen of
terug te dringen, door middel van de huidige saneringsaanpak (vallend onder de
Wet bodembescherming = Wbb). Het deel van de Wbb dat gericht is op de waterbodem
zal worden overgeheveld naar de aankomende Waterwet. De invulling hiervan gaat
de komende periode gestalte krijgen. Wat op korte termijn verandert, is het
uitgangspunt voor de huidige saneringsaanpak van "Sanering is urgent tenzij
er geen actueel risico is voor mens, ecosysteem of verspreiding" naar
"De waterbodem wordt gesaneerd indien de ecologische en chemische
doelstellingen van de KRW worden belemmerd; evenals bij onaanvaardbare
verspreiding via/naar grondwater en onaanvaardbare humane risico's". Dit
krijgt zijn beslag in een circulaire onder de herziene Wbb (voorzien voor eind
2005). Bij het van kracht worden van de Waterwet (naar verwachting 2008) zal
vervolgens het woord saneren verdwijnen en worden ingewisseld voor “beheren”.
De aanpak van de waterbodem zal dan nog nadrukkelijker op de KRW worden
afgestemd. Marcel Tonkes vraagt aan iedereen het belang van de waterbodem onder
de aandacht te brengen bij collega's die direct betrokken zijn bij de KRW.
Natuurontwikkeling
Carel Harmsen, van Deltanatuur, presenteerde de natuurontwikkeling in de delta.
Doel van het project is het terugbrengen van estuariene kwaliteiten (meer
dynamiek) in het gebied. Nevendoelen zijn het waarborgen van veiligheid bij
overstromingen in de Biesbosch, recreatieve faciliteiten ontwikkelen, en dat
buitendijks en gerelateerd aan de rijkswateren: ruimte voor water, ruimte voor
natuur. Deltanatuur is 5 jaar geleden geïnitieerd door het Ministerie van
V&W. De projectorganisatie is inmiddels ondergebracht bij de Provincie
Zuid-Holland. Er is circa 150 miljoen Euro geïnvesteerd en 3000 hectare natuur
ontwikkeld in de monding van Rijn en Maas. De looptijd van het project bedraagt
10 jaar (tot 2010). Het project beoogt natuur voor mensen te ontwikkelen, grote
robuuste eenheden, zelfredzame natuur. Voorbeelden zijn: Klein-Profijt, de
Spuigorzen, Zuiderklip in de Brabantse Biesbosch en Tiengemeten.
Voor meer informatie zie www.deltanatuur.nl; via de website kan ook de gratis nieuwsbrief opgevraagd worden.
Klein Profijt
Tenslotte presenteerde Peter Groenenboom van Rijkswaterstaat het
natuurontwikkelingsproject “Klein Profijt” langs de Oude Maas, een terrein
met 73 hectare in, voor Europa zeldzame, zoetwatergetijdennatuur. Aan behoud en
versterking van dergelijke natuur wordt in het natuurbeleid dan ook een hoge
prioriteit gesteld. Door de sanering en inrichting van het slibdepot Klein
Profijt krijgt de natuur een extra kans. Het project staat in relatie tot
Deltanatuur en Mainportontwikkeling Rotterdam. Diverse private partijen
betaalden mee. Door nauwkeurig bodemonderzoek is geen 190.000 m3 vervuilde grond
naar de Slufter afgevoerd maar 123.000 m3 alvorens tot herinrichting van het
terrein overgegaan kon worden. Met de aannemer werd een “Prestatiecontract”
afgesloten. Zowel de natuurontwikkeling, als de publiek-private samenwerking en
het werken met een prestatiecontract, zijn succesvol verlopen.

Nieuwtjes voor en door Baggernetters
Tijdens het programma-onderdeel "Nieuwtjes voor en door
Baggernetters" kwam Wim Haalboom, coördinator Bagger Actie Programma
Friesland terug op een vorige themadag, in april in Haarlem. De discussie die
toen werd gevoerd ging over het transporteren van baggerspecie van Noord-
Holland naar Friesland. Het transport gebeurde weliswaar legaal, maar of het
wenselijk was, is punt twee. De baggeraars in de Provincie Friesland willen
graag voldoende capaciteit hebben en houden om hun eigen bagger kwijt te kunnen.
Er is bovendien een reëel risico dat door import van bagger de Friese
waterkwaliteit verslechtert. Inmiddels zijn er afspraken gemaakt met de Friese
puteigenaren. Voortaan gaat Friese bagger vóór. Als er dan nog voldoende
bergingscapaciteit over is, mag er bagger geïmporteerd worden van
kwaliteitsklasse 0-2.
Erik Boegborn van Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden meldde dat er bij de Unie van Waterschappen een voorstel ligt voor wijziging van de Gedragscode van de Unie met betrekking tot de Flora & Faunawetgeving. Alleen waterschappen die volgens de gedragscode werken mogen in gebieden waarin beschermde planten/dieren voorkomen zonder ontheffing baggeren. Volgens het eerste concept van de code mocht zonder ontheffing alleen in september en oktober onbeperkt gebaggerd worden en vanaf half juni tot eind augustus alleen onder strikte voorwaarden. In de resterende 7,5 maanden was voor baggerwerk altijd een ontheffing vereist. De waterschappen hebben nu een wijziging voorgesteld waardoor de periode waarin zonder ontheffing onbeperkt gebaggerd mag worden, opgerekt wordt tot 3,5 maanden per jaar. De periode waarin onder voorwaarden zonder ontheffing mag worden gebaggerd is opgerekt van 1,5 tot 6 maanden per jaar. De periode waarin zonder ontheffing niet gebaggerd mag worden is beperkt tot het broedseizoen (15 maart tot 1 juni, was 7,5 maand). Het Ministerie van LNV moet overigens nog groen licht geven voor deze wijziging.
Verslag/foto’s:
Kimberly Stolk, Rijkswaterstaat
Joost Visser, Rijkswaterstaat
Marjan Euser, Baggernet
Baggernet Online © 1999 - 2009